Shopping Cart
Your Cart is Empty
Quantity:
Subtotal
Taxes
Shipping
Total
There was an error with PayPalClick here to try again
CelebrateThank you for your business!You should be receiving an order confirmation from Paypal shortly.Exit Shopping Cart

BRUXELLES EUROPE 

Deze website is bedoeld om Praktische Informatie te geven over onze werkprocessen  

BERLIN, Oct 19 (Reuters) - German prosecutors charged three people on Tuesday over an explosion at a chemicals park in western Germany in which seven people died, accusing them of killing and causing an explosion by recklessness. 


Voorwaardelijke Opzet

 

 

Senior Petroleum Engineers in Lagos, Nigeria Q4 2021 - 2023

CONTACT SANDER JAN DE BIE 0032 456261001


Only respond if you can provide demonstrable objective and verifiable evidence regarding your experience in starting up chemical plants and/or refineries. Bachelor or master is important but not leading, of course the demonstrable operational certificates are. After a personal first interview, you must submit the supporting documents. All necessary costs will be reimbursed after acceptance

Gedrag en Cultuur Als oorzaak van Incidenten met Strafrechtelijke Gevolgen Tijdens:

- Normal Operations between Start Up and Planned Shutdown

- Emergency Shutdown ... Safe Park

- Start Up procedures after Shutdown

- Down taking procedures for TA / planned Maintenance.

 

Hoe het mis kan gaan : https://www.youtube.com/watch?v=CcVovKeIQ74 


LET OP: Het Gevolg (incident, calamiteit) voor de strafbare verwijtbaarheid aan de feitelijk leidinggevende, raakt de voorwaardelijke opzet. De aanloop hiernaar toe - onrechtmatige acceptatie van een in strijd met de vergunning operationeel proces of handeling - Bewust en in Samenspraak met de toezichthouder laten voortbestaan van deze ,tijdelijke, in strijd met de vergunning operationele situatie raakt het oogmerk waarbij vol opzet vereist is. Deze situaties blijken in de praktijk voor te komen. Wees hier alert op, de rechtbank zal haar wettelijke overtuiging hier op kunnen motiveren. 


Artikel 177, eerste lid, onderdeel 1 Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) veronderstelt dat de omkoper het oogmerk (de bedoeling) heeft dat de ambtenaar in zijn bediening iets doet of nalaat. Oogmerk in de zin van artikel 177 Sr is aanwezig wanneer de gever moet hebben beseft dat het doen van een gift als noodzakelijk en dus voor hem gewild gevolg meebrengt dat de ambtenaar wordt bewogen tot een doen of nalaten in zijn bediening. Het betreft de zwaarste vorm van opzet die bovendien niet op de gift, maar op het gevolg moet zijn gericht. Voorwaardelijk opzet is niet voldoende.

Als dat oogmerk niet (volledig) blijkt uit de verklaring van de gever, dient (mede) aan de hand van de feiten en omstandigheden, oftewel de uiterlijke verschijningsvorm van de feiten en omstandigheden van en rondom de gift, te worden bepaald of de gever met zijn gift het oogmerk had om de ambtenaar te bewegen tot een doen of nalaten in zijn bediening. Om de bewijsrechtelijke drempel van oogmerk te halen, dient op die manier op zijn minst genomen komen vast te staan dat het niet anders kan zijn dan dat de gever een gift aan de ambtenaar heeft gedaan met als doel daar iets voor terug te krijgen. Dat kan een concrete tegenprestatie zijn, maar hoeft dat niet te zijn. Het kan er ook om gaan een speciale relatie te doen ontstaan die zal (kunnen) leiden tot een voorkeursbehandeling dan wel een betere positie.




De meeste bestuurders hebben niet nagedacht over de persoonlijke strafrechtelijke risico's die hun positie met zich meebrengt.

 

Persoonlijk Risico Informatie Systeem P.R.I.S Ontwikkeld door de Bie en Partners op basis van

- ervaring en

- inzicht in de mogelijke verwijtbare situaties voor feitelijk leidinggevenden. 

Daderschap van de rechtspersoon

Volgens de wetsgeschiedenis en bestendige jurisprudentie kan een rechtspersoon (in de zin van art. 51 Sr) worden aangemerkt als dader van een strafbaar feit indien de desbetreffende gedraging redelijkerwijs aan hem kan worden toegerekend.

Het antwoord op die vraag is afhankelijk van de concrete omstandigheden van het geval, waartoe mede behoort de aard van de (verboden) gedraging.

Een algemene regel laat zich dus bezwaarlijk formuleren.

Een belangrijk oriëntatiepunt bij de toerekening is nochtans of de gedraging heeft plaatsgevonden dan wel is verricht in de sfeer van de rechtspersoon.

Een dergelijke gedraging kan in beginsel worden toegerekend aan de rechtspersoon.

Van een gedraging in de sfeer van de rechtspersoon zal sprake kunnen zijn indien zich een of meer van de navolgende omstandigheden voordoen:

°  -

het gaat om een handelen of nalaten van iemand die hetzij uit hoofde van een dienstbetrekking hetzij uit anderen hoofde werkzaam is ten behoeve van de rechtspersoon,

°  -

de gedraging past in de normale bedrijfsvoering van de rechtspersoon,

°  -

de gedraging is de rechtspersoon dienstig geweest in het door hem uitgeoefende bedrijf,

°

de rechtspersoon vermocht erover te beschikken of de gedraging al dan niet zou plaatsvinden en zodanig of vergelijkbaar gedrag werd blijkens de feitelijke gang van zaken door de rechtspersoon aanvaard of placht te worden aanvaard.

°

°

Onder bedoeld aanvaarden is mede begrepen het niet betrachten van de zorg die in redelijkheid van de rechtspersoon kon worden gevergd met het oog op de voorkoming van de gedraging.

°


Daarbij dient te worden opgemerkt dat het hiervoor overwogene slechts betrekking heeft op de vraag of de rechtspersoon kan worden aangemerkt als dader van de hem ten laste gelegde gedraging, dus ongeacht of het een overtreding dan wel een misdrijf betreft. Immers, de beoordeling van de aanwezigheid van bestanddelen als opzet of schuld indien het een misdrijf betreft, dient zelfstandig plaats te vinden (vgl. HR 21 oktober 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF7938, rov. 3.3-3.5. en HR 26 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:733, rov. 3.4.1-3.4.2.).

Opzet bij de rechtspersoon

 

Zoals reeds eerder aangegeven vormt naast het daderschap van de rechtspersoon de beoordeling van de aanwezigheid van bestanddelen als opzet of schuld – en waarop deze bestanddelen betrekking hebben – een zelfstandige afweging. Ingeval de delictsomschrijving van het strafbare feit waarvan de rechtspersoon wordt verdacht, opzet vereist, kan dat opzet op verschillende manieren worden vastgesteld. Onder omstandigheden kan het opzet van een natuurlijk persoon aan een rechtspersoon worden toegerekend, maar voor opzet van een rechtspersoon is niet vereist dat komt vast te staan dat de namens of ten behoeve van die rechtspersoon optredende natuurlijke personen met dat opzet hebben gehandeld. Het opzet van een rechtspersoon kan onder omstandigheden bijvoorbeeld ook worden afgeleid uit het beleid van de rechtspersoon of de feitelijke gang van zaken binnen de rechtspersoon (vgl. HR 21 oktober 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF7938, rov. 3.5. en HR 26 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:733, rov. 3.4.2.)

Feitelijk leiding geven

 

Op grond van artikel 51 lid 2 Sr kan, indien een strafbaar feit wordt begaan door een rechtspersoon, de strafvervolging worden ingesteld en kunnen de in de wet voorziene straffen en maatregelen, indien zij daarvoor in aanmerking komen, worden uitgesproken:

1° tegen die rechtspersoon, dan wel

2° tegen hen die tot het feit opdracht hebben gegeven, alsmede tegen hen die feitelijke leiding hebben gegeven aan de verboden gedraging, dan wel

3° tegen de onder 1° en 2° genoemden tezamen.

 

>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>

Volgens bestendige jurisprudentie geldt dat bij de beoordeling van feitelijke leidinggeven moet worden vooropgesteld dat uit de taalkundige betekenis van het begrip feitelijke leidinggeven enerzijds voortvloeit dat de enkele omstandigheid dat de verdachte bijvoorbeeld bestuurder van een rechtspersoon is, niet voldoende is om hem aan te merken als feitelijke leidinggever aan een door die rechtspersoon begaan strafbaar feit. Maar anderzijds is een dergelijke juridische positie geen vereiste, terwijl ook iemand die geen dienstverband heeft met de rechtspersoon feitelijke leidinggever kan zijn aan een door de rechtspersoon begaan strafbaar feit.

>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>

Feitelijke leidinggeven zal vaak bestaan uit actief en effectief gedrag dat onmiskenbaar binnen de gewone betekenis van het begrip valt. Van feitelijke leidinggeven kan voorts sprake zijn indien de verboden gedraging het onvermijdelijke gevolg is van het algemene, door de verdachte (bijvoorbeeld als bestuurder) gevoerde beleid. Ook kan worden gedacht aan het leveren van een zodanige bijdrage aan een complex van gedragingen dat heeft geleid tot de verboden gedraging en het daarbij nemen van een zodanig initiatief dat de verdachte geacht moet worden aan die verboden gedraging feitelijke leiding te hebben gegeven. Daarbij is niet vereist dat een ander de fysieke uitvoeringshandelingen heeft verricht.

>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>

Onder omstandigheden kan ook een meer passieve rol tot het oordeel leiden dat een verboden gedraging daardoor zodanig is bevorderd dat van feitelijke leidinggeven kan worden gesproken. Dat kan in het bijzonder het geval zijn bij de verdachte die bevoegd en redelijkerwijs gehouden is maatregelen te treffen ter voorkoming of beëindiging van verboden gedragingen en die zulke maatregelen achterwege laat.

>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>

In feitelijke leidinggeven ligt een zelfstandig opzetvereiste op de verboden gedraging besloten. Voor dit opzet van de leidinggever geldt als ondergrens dat hij bewust de aanmerkelijke kans aanvaardt dat de verboden gedraging zich zal voordoen.

 

Van het bewijs van dergelijke aanvaarding kan – in het bijzonder bij meer structureel begane strafbare feiten – ook sprake zijn indien hetgeen de leidinggever bekend was omtrent het begaan van strafbare feiten door de rechtspersoon, rechtstreeks verband hield met de in de tenlastelegging omschreven verboden gedraging.

 

Een ander voorbeeld van een geval waarin onder omstandigheden voldaan kan zijn aan het voor de feitelijke leidinggever geldende opzetvereiste biedt een leidinggever die de werkzaamheden van een onderneming zo organiseert dat hij ermee rekening houdt dat de aan de betrokken werknemers gegeven opdrachten niet kunnen worden uitgevoerd zonder dat dit gepaard gaat met het begaan van strafbare feiten (HR 26 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:733, i.h.b. r.o. 3.5.1-3.5.3).

Onze kerntaak en onderscheidend vermogen.

 

- geen advies vergunningverlening

- geen bemiddeling hierin

- externe communicatie met autoriteiten op onafhankelijke zelfstandige basis

- training hoe en waarom handelingen wel of niet op welke wijze uit te voeren: bestuur-management-engineering-operations-maintenance

- analyse en advies over de wijze waarop de operationele processen binnen de installaties tijdens de fasen een strafrechtelijke risico vormen

- private risico analyse voor bestuur/management ter voorkoming/beheersing strafrechtelijke aansprakelijkheid

- advies tijdens relevante fase over de wijze waarop opsporingsambtenaren/toezichthouders opereren op strafvordelijk gebied en overlap.

suggesties en/of meldingen [privaat T 0031 610902667] direct advies verwijtbaarheid (strafrechtelijk) Opsporing Contra indicatie voorwaardelijke opzet: kennis / wil / risico kennis / wil / risico kennis / wil / risico . Geheel discreet (gewaarschuwd mens in positieve zin) 

Actueel CAG art 173a/b PHR:2020:574

This site uses Google reCAPTCHA technology to fight spam. Your use of reCAPTCHA is subject to Google's Privacy Policy and Terms of Service.

Thank you for contacting us. We will get back to you as soon as possible

E.L.S Milieu Straf-Proces recht jurist(en) / Chemical Engineering / Technical Engineering/ Process development specialist consultants

(specialisme strafvordering- preventie vervolging incident proces- installaties / art 173a Sr BRZO Wm) voorwaardelijke opzet.

1987-1997    C. Engineer GE-Plastics / RD SHELL

1997-2005    De Bie & Partners Milieu consultants

                     ISO 14001 / 9001 implementatie eerste gekoppelde milieuvergunning (1997 Uto Nederland toezichthouder DCMR)

1998 eerste palm oil plantage certificering ISO 14001 down stream Cargill. 1999 opdracht Jakarta (overheid) feasibility study by De Bie & Partners 60k ha oil palm Mamiet Marjono / BII Bank.

2005-09       De Bie&Partners Financial engineering commodities

2009-heden Environmental - Legal - Services 

2020              BI-CAPITAL ESG https://bi-capital.eu/ 

 

Meldingen: discrete behandeling binnen een halve werkdag reactie.

Nieuwe zaken (u kunt volstaan met de area code)

Concrete adviezen inzake mogelijke invloeden op waarde bepaling van de toekomstige investering kunt u onder de code: bi-int q4017 plaatsen.

Postadres Postbus 30225, 3001 DE Rotterdam Europoort Botlek:

Belgium:

14b Rue de la Science

starting operations 10-27-2017

1040, Brussels

Calamiteit/ Incident: 0031 6 10 90 26 67 24/7 (code toevoeging) - privaat.

 

Bij voorwaardelijke opzet zijn alle contra indicaties inzake kennis/risico/wil essentieel!! U was een gewaarschuwd mens, u kende de risico's echter het beoogde gewenste resultaat gaf de doorslag voor uw handelen.

0